Mijn Restaurant: wat gebben wij heleerd?

Gisteravond naar de verkiezingen gekeken. Neen, niet de politieke, dat is voor volgend weekend (ja het duurt met de klassieke media wel even tot deze elektronische lettertjes in inkt worden omgezet en in uw brievenbus belanden). Ik keek gisteren naar de volks-culinaire verkiezingen: die van ‘Mijn Restaurant’. Samen met zo maar even 1.458.928 andere Vlamingen, die de uiteindelijke ontknoping ook wilden zien, zat ik aan het scherm gekluisterd. De serie scoorde het hoogste marktaandeel voor VTM uit het laatste decennium. Bereikte in het derde deel van de finale zelfs een piek van anderhalf miljoen kijkers. Massamedia dood? Tv op de terugweg? Realityprogramma’s afgeschreven? Veel statements van de mediaguru’s en toch wel enkele van mijn gefragmenteerde vooroordelen en 360° dogma’s werden gisteren uitgedaagd door dit succesprogramma.

Zou het in dit nieuwe medialandschap dan toch nog mogelijk zijn om een brede boodschap snel naar een breed publiek te zenden. Ja dus, met de juiste programma’s. En het was dan ook een goed gemaakte serie: een excellente cast van deelnemers, jury en figuranten. Goed opgebouwde plot met de nodige verrassende wendingen (wendy-ngen?) in het scenario. Uitvloeiend in een verscheurende finale tussen enerzijds het ‘bizar koppel’ uit Sint-Truiden en ‘de mooie en het opvliegende beest’ uit Kortrijk. Kortom, tv die een commerciële zender waard is maar die voornamelijk bewees dat een renaissance van tv tot de mogelijkheden behoort. Dat televisie en in zijn verlengde de massamedia nog niet dood zijn zoals te pas en te onpas wordt beweerd.

shapeimage_2.png

Ook al werden er wat patatjes in de borden gedresseerd en geserveerd, toch waren het niet allemaal ‘lay-back-coach-potatoes’ die het programma vanuit de luie zetel volgden. Jaren spreken we reeds van interactieve tv, waarmee we dan eigenlijk de rode knoppen enkele andere digitale toetertjes en belletjes bedoelen. Dé manier om in ‘lean-forward’ mode te gaan. Maar ook hier zetten de koks ons met een eenvoudig recept voor schut. Het programma realiseerde op een hyperklassieke manier een succesvolle call-to-action door kijkers massaal naar al die restaurants te lokken. Aanschuiven was het om een plaatsje te kunnen veroveren bij de restaurateurs die ondertussen een bv-status genoten. In Kortrijk was het restaurant al kort na opening voor enkele maanden volgeboekt. Om dan nog maar te zwijgen van de ware volkstoeloop die de finale in Kortrijk en Sint-Truiden teweeg bracht. Volgens politietellingen verdrongen 20.000 fans tijdens de finale zich om en rond de restaurants Dell’Anno en Bigarreaux. En de afterparty van de winnaars bracht nog eens 20.000 man op de been. Interactie op zijn best.

Op een zeker moment bleek wel heel ons vlakke land in de ban van het vlakke scherm. Er zijn meer dan 300 persartikels over”Mijn Restaurant” gepubliceerd in dagbladen en magazines. Op Internet scoort de serie vele honderdduizenden Google-referenties. Het programma weekt standpunten en debatten los bij vele bloggers maar ook bij vakbonden en wergeversorganisaties. Kinderen bestoken hun moeders plots met opmerkingen over de cuisson van de vis en de textuur van de saus. De kandidaten werden dan weer regelmatig opgevoerd in de nieuwsbulletins van radio en tv. Zelfs de Vlaamse hotelscholen kennen plots een verhoogde belangstelling en een significant hoger aantal inschrijvingen voor horeca-opleidingen. En uiteraard probeerden ook de politiekers in de aanloop van de verkiezingen hun graantje van de aandacht mee te pikken als figurant, supporter en tafelgenoot. Van 360° gesproken. En dat allemaal met een ‘klassiek’ reality-programma op ‘klasieke’ tv, een format dat we intussen al afgeschreven hadden.

Het stemt toch tot nadenken wanneer uit de cijfers blijkt dat wij als doorgewinterde communicatiepecialisten de massamedia de rug toekeren. Het is ‘bon ton’ om de ‘oude’ media af te schrijven en ons bijna uitsluitend te richten op al wat nieuw is. Bezondigen we ons hier niet aan een veelgemaakte denkfout? De oplossing ligt wellicht eerder in een ‘en-en’ dan in een ‘of-of’, de gulden middenweg. “En wat gebben wij nu vandaag gieruit heleerd”?


<Column gepubliceerd in PUB, 18 juni 2009>

©The House of Brands bvba @ 2015