De parabel van het grote televisiedebat

Net terug uit vakantie lag een indrukwekkende stapel tijdschriften te wachten op snelle consumptie. Op de cover van een ge-knack-t tijdschrift keek Martine Tanghe de lezer uitdagend in de ogen. Toch niets ergs gebeurd zeker? Neen, integendeel. Tot mijn opperste verbazing bleek zij volgens een door het tijdschrift gehouden enquête de populairste tv-figuur te zijn. En ook de bijbehorende titel wekte argwaan met de bizarre vraag “Moet de VRT verdwijnen?”. Voldoende stimuli dus om het 10 pagina’s tellend artikel grondig door te nemen.

shapeimage_2.png

Snel bleek dat de zogenaamde enquête helaas niet meer was dan een internet-steekproef van geregistreerde lezers. Alles behalve representatief, wat de journalist ook ruiterlijk in enkele woordjes toegaf. Helaas waren de resultaten wel de rode draad voor het naar eigen zeggen ernstig ‘grote televisiedebat’ tussen de zelfverklaarde mediaspecialisten van de politieke partijen. Martine Tanghe dus als populairste tv-figuur. Het zei vooral veel over de respondenten en over het relativeringsvermogen dat we aan de dag zouden moeten leggen. 

Het met veel bravoure aangekondigde debat over de afschaffing van de VRT had -wellicht ongewild- veel weg van een top eindejaars-conference van gevatte cabaretiers. Gemeenschapssenator Margriet Hermans (in onze diagonale lectuur hadden we ondertussen uit een studie geleerd dat een senator 1 miljoen euro per jaar kost) beperkte haar tussenkomst tot 8 hilarische zinnetjes. Wellicht heeft zij de rest van het debat muzikaal opgeluisterd met enkele populaire achtergrondschlagers uit haar uitgebreid repertoire. De grote visie van Decaluwé concentreerde zich 112 lijnen lang rond een smeekbede voor meer aandacht voor kleinere sporten en hij kwam uiteindelijk tot de zwaar onderbouwde conclusie: “als je op dat vlak het verschil niet meer maakt dan zie ik het nut van een openbare omroep niet meer in”. Ach ja, ook nog even een sneer naar de marketeers die het volgens hem bij de VRT nog te veel voor het zeggen hebben “want de kijker mag niet alleen een consument zijn”. Wanneer Bart Caron met grote C poneert dat er er meer cultuur moet zijn, repliceert Dany Vandenbossche dat de VRT geen opera mag uitzenden. Billenkletsen maar.

Het grote tv-debat is er dus spijtig genoeg niet gekomen. Het begon al met de titel: wie wil er nu in godsnaam de VRT als onderneming laten verdwijnen? Daar gaat het toch niet om. De hamvraag is of de VRT met een riante dotatie gefinancierd moet blijven. En of het niet beter zou zijn om dit overheidsgeld te gebruiken om de door de overheid gewenste programma’s en projecten te financieren bij welke omroep dan ook. Iets rechtlijniger en metmeer garantie op succes. Ondertussen kan de VRT verzelfstandigd worden, extra inkomsten voor de overheid, en als volwaardige tv-speler eerlijk concurreren op de markt. Extra concurrentie in de tv-markt kan de kwaliteit van de programmering alleen maar ten goede komen. Of zijn er nog steeds naïeve zielen die denken dat wat we met overheidsgeld doen we beter doen? Mag ik suggereren om deze omstreden stellingen als basis te gebruiken voor een diepgaand gedepolitiseerd tv-debat met een ernstig panel?

Toch een gigantische proficiat aan mijn ondertussen populair idool Martine. Al blijft Paula Semer wat mij betreft haar grote concurrent voor de volgende enquête.


<Column gepubliceerd in PUB, 28 juli 2008>

©The House of Brands bvba @ 2015