De laatste kans gemist

Nachtelijke televisie-sessies zijn aan mij niet echt besteed. De enige die ik mij nog enigszins herinner moet plaatsgevonden hebben begin jaren zeventig van de vorige eeuw, toen de dieren -en de boksers- nog spraken. Voor het échte gevecht van de eeuw tussen Cassius Clay -of was het toen al Muhammad Ali- en Joe Frazier. Niet dat ik op jeugdige leeftijd zo een boksliefhebber was. Wel omdat ik toen reeds grote interesse had in al wat techniek en technologie was. En mijn suikernonkel -ook nog bakker van beroep- had net één van de eerste kleurentelevisies ten lande gekocht. De hele familie werd op het nachtelijk uur uitgenodigd om het spektakel live en in kleur mee te maken. En dat wou ik niet missen.


Deze week was het niet de technologie die mij ‘s nachts aan het scherm kluisterde. Wel het overdadig aangekondigd ‘wereldwijde exclusief interview van deze eeuw’ tussen een gevallen wielrenner en een presentatrice op de terugtocht. Niet dat ik vandaag zo’n wielerfanaat ben. Wel omdat ik een grote interesse heb -naast techniek en technologie- in al wat communicatie is. Uit plaatsvervangende schaamte heb ik niemand uitgenodigd om het mee te maken. Een horde spindokters, pr-raadgevers en advocaten hadden de fraudeur aangeraden om een publieke biecht te doen. Als penitentie om daarna de absolutie te krijgen. Het was voor mij een raadsel hoe dit zou aflopen. Het leek mij een aartsmoeilijke opdracht. En zo’n leermoment, dat wou ik niet missen.


lanceshirts

De eerste minuut was veelbelovend. Op enkele ‘yes or no’ vragen van de emo-queen werd de toon gezet. De verdachte bekende in een openbare biecht met vijf ja’s zijn schuld over de hele lijn. Een succesvolle wielercarrière in enkele seconden tot een puinhoop herleid. Er verscheen dan zowaar een glimlach bij de ondervraagde. Een teken van opluchting dat de waarheid er nu uit was? Neen hoor, een zoveelste vermeende overwinning. Snel werd duidelijk dat ook dit interview volksverlakkerij was en dat de zichzelf verklaarde spijtoptant gewoon de meubels probeerde te redden in een ongepast dominante stijl. Alles wellicht goed gerehearsed met advocaten, maar ik kan me niet voorstellen dat de man gecoached werd door een communicatie-specialist die naam waardig. En het werd niet eens in 3D uitgezonden ;-) De kelk van deel twee de volgende nacht heb ik dan ook aan mij laten voorbijgaan.


Crisiscommunicatie is een vak apart. Niet eens zo’n moeilijk vak. De regels zijn heel rechtlijnig en evident.  In mijn vorig leven gaf een leverancier mij hiervoor de caveats en do’s & don’ts op een kaartje ter grootte van een kredietkaart. Het zit nog steeds in mijn portefeuille. Je weet maar nooit. Een goede voorbereiding met een crisisplan is onontbeerlijk. Maar daar ontbrak het hier niet aan, integendeel. Normaal wordt er gevraagd ook om ‘snel’ te communiceren bij een crisis. Na een decennium van ontkennen en leugens was dat in dit geval natuurlijk al wat moeilijker.  


Bij ernstige gevallen zoals deze raden de spindokters als uiterste redmiddel al eens de ‘openbare biecht’ aan. Met de bedoeling om toch nog genade te krijgen in de ogen van de publieke opinie. Het kan soms werken. Maar wanneer je het boetekleed aantrekt om je hachje te redden moet je ofwel diep gaan ofwel thuisblijven. Het domste wat je kan doen is halve waarheden komen vertellen. Je vraagt van mensen om te geloven dat je nu uiteindelijk eerlijk en oprecht bent, maar je toont je hooghartig en volledig ongeloofwaardig door er niet volledig voor te gaan. Het publiek is een expert in het ontmaskeren van oneerlijkheid. Tijdens dit nachtelijk interview heeft de man zwaar gefaald tegen dit onbuigbaar principe van crisiscommunicatie. Er werd niet eens meer moeite gedaan om op zijn website, blog en twitter de nodige nazorg aan de terminale patiënt te geven. De laatste kans gemist. Zijn carrière is nu definitief afgelopen. Terecht. Hij had maar beroep moeten doen op een betere communicatie-adviseur... ;-))

<Column gepubliceerd in PUB 7 februari 2013>

©The House of Brands bvba @ 2015